Hoger beroep politierechtbank



Hoger beroep door de beklaagde

Het hoger beroep door de beklaagde tegen een vonnis van de Politierechtbank, in strafzaken, wordt op dezelfde manier gesteld als een beroep tegen een correctionele uitspraak in strafzaken.

De termijn om hoger beroep aan te tekenen bedraagt in principe 15 dagen en wordt ingesteld ter griffie van de Politierechtbank die de uitspraak wees. Daardoor wordt de zaak aanhangig gemaakt bij een correctionele kamer van de Rechtbank van Eerste Aanleg.

Uittreksel Wetboek van strafvordering BOEK II, TITEL I

Art. 172 Sv. Tegen de vonnissen gewezen door de politierechtbanken staat in alle gevallen hoger beroep open.
Het beroep wordt ingesteld, behandeld en gewezen in dezelfde vorm als het beroep tegen de correctionele vonnissen.
De termijn, bij artikel 174 van het Wetboek van Strafvordering gesteld, gaat in op de dag van de uitspraak van het vonnis, of van de betekening indien het vonnis bij verstek gewezen is.

Art. 173 Sv. Het hoger beroep schorst de tenuitvoerlegging.
De vonnissen over de strafvordering, buiten die van veroordeling, vrijspraak of ontslag van rechtsvervolging, alsook de vonnissen over de burgerlijke rechtsvordering kunnen echter bij een speciaal gemotiveerde beslissing uitvoerbaar verklaard worden bij voorraad niettegenstaande hoger beroep.

Art. 174 Sv. Het hoger beroep van de vonnissen, door de politierechtbank gewezen, wordt voor de correctionele rechtbank gebracht.
Het wordt ingesteld binnen dezelfde termijnen, onder dezelfde voorwaarden en in dezelfde vorm als het hoger beroep van de vonnissen door de correctionele rechtbank gewezen.

Art. 175 Sv. Wanneer de procureur des Konings of een van de partijen het in hoger beroep vordert, kunnen de getuigen opnieuw worden gehoord en kunnen zelfs andere getuigen gehoord worden.

Art. 176 Sv. De bepalingen van de voorgaande artikelen betreffende de wettelijke vorm van het onderzoek, de aard van de bewijzen, de vorm, de authenticiteit en de ondertekening van het eindvonnis, de veroordeling in de kosten, alsook de straffen in die artikelen bepaald, gelden eveneens voor de vonnissen in hoger beroep gewezen door de correctionele rechtbanken.

Art. 177 Sv. Het openbaar ministerie en de partijen kunnen, indien daartoe grond bestaat, zich in cassatie voorzien tegen de vonnissen gewezen (...) door de correctionele rechtbank in hoger beroep van politievonnissen.
De voorziening wordt ingesteld in de vorm en binnen de termijnen die zullen worden voorgeschreven.

Art. 178 Sv. (Opgeheven) 


Rechtspraak

  • Een vonnis uitgesproken door de politierechtbank is ten aanzien van een beklaagde op tegenspraak gewezen wanneer laatstgenoemde persoonlijk of vertegenwoordigd door een advocaat op de rechtszitting is verschenen en er zijn verweermiddelen heeft voorgedragen. Of de beklaagde of een advocaat afwezig is bij het uitspreken van het vonnis, is wat dat betreft irrelevant.

    Een vonnis is ten aanzien van de vervolgde persoon op verstek gewezen wanneer laatstgenoemde niet heeft geantwoord op de tegen hem op de rechtszitting genomen vordering of op enig ander verweer vergend element dat vervolgens door het openbaar ministerie tegen hem werd ingebracht.

    Of een vonnis op tegenspraak dan wel bij verstek is gewezen, hangt af van de wet; daaruit volgt dat de omschrijving als op tegenspraak of op verzet gewezen vonnis, die de rechter aan zijn beslissing heeft gegeven, de aard ervan niet kan wijzigen.

    De correctionele rechtbank zal, alvorens over de strafvordering zelf te oordelen, uitspraak doen over de ontvankelijkheid van het aangewende rechtsmiddel. De correctionele rechtbank heeft haar uitspraak naar recht verantwoord door te beslissen dat het hoger beroep niet ontvankelijk was.

    21/01/2015 - Hof van Cassatie