Hoger beroep tegen gefaillieerde



Qualitate Qua

Wanneer een handelaar of handelsvennootschap lopen de een procedure in staat van faillissement wordt verklaard en een curator wordt aangesteld, stelt zich de vraag tegen wie een eventueel hoger beroep moet ingesteld worden.

Rechtsmiddelen dienen ingesteld te worden tegen een bekwame partij. Aangezien het faillissement een einde maakt aan de bekwaamheid van de handelaar of de handelsvennootschap om in rechte op te treden, moet het hoger beroep derhalve gericht worden tegen de curator in diens hoedanigheid over het faillissement.

Dit wordt aangeduid met de term "qualitate qua" of afgekort "q.q.". Zonder de vermelding van de hoedanigheid wordt het hoger beroep gericht tegen de verkeerde partij en ontstaat het risico op een onontvankelijkheid van het hoger beroep.

Cassatie

Het Hof van Cassatie bevestigde in een arrest van 14 juni 1991 dit principe ook met betrekking tot de rechtsopvolging van de Belgische Staat door een Gemeenschap of Gewest en overwoog dat de overname van de positie van gedingpartij mogelijk is en zij derhalve als "partij" een rechtsmiddel kan instellen tegen een nadelige uitspraak, louter door vermelding van de hoedanigheid in de akte waarmee het rechtsmiddel moet worden ingesteld. Het omgekeerde is ook van toepassing, namelijk een partij kan de opvolger betrekken in een hoger beroep door vermelding van de hoedanigheid waarmee deze de tegenpartij vervangt.

Bronnen

Rechtsopvolging onder bijzondere titel tijdens het burgerlijk geding in België en Nederland (Matthias E. STORME)