Tot wanneer loopt kinderalimentatie



Tot voltooiing vorming

De onderhoudsverplichting voortvloeiende uit art. 203 BW loopt in het algemeen tot wanneer het kind gevormd is en zelf in staat is om zelfstandig in zijn onderhoud te voorzien.

Dit geldt zelfs indien het kind reeds gehuwd zou zijn. Ingeval het kind gehuwd is, primeert in regel de bijzondere onderhoudsverplichting tussen echtgenoten de ouderlijke onderhoudsverplichting; zulks neemt evenwel niet weg dat de ouderlijke onderhoudsverplichting blijft gelden wanneer de middelen van de echtgenoot van het kind ontoereikend zijn om zijn onderhoudsverplichting na te komen of wanneer vaststaat dat hij in gebreke is.

Beginpunt

De verplichting loopt alleszins vanaf de geboorte, of vanaf het moment waarop de afstamming vaststaat. Ook de kosten van geboorte en bevalling vallen daaronder. De vaststelling gaat voor het betalen van onderhoudsgeld retroactief terug tot de geboorte van het kind. De afstammingsband wordt geacht altijd bestaan te hebben.

Een kind dat onder verlengde minderjarigheid valt, zal steeds onderhoudsgerechtigd zijn.

Alimentatie bij meerderjarige kinderen

Voor kinderen die meerderjarig worden, eindigt de verplichting pas wanneer de opleiding en vorming voltooid is. Het is niet moeilijk in te denken dat hierover enorm veel casuïstiek is.

Wanneer de vorming als voltooid te beschouwen valt, zal afhangen van een aantal factoren:

- Zijn de ouders zelf hoog opgeleid en hebben zij meerdere diploma's.

- Familiale moeilijkheden, verwaarlozing, psychische problemen bij het kind spelen een rol.

Andere omstandigheden spelen geen of weinig rol, zoals de beslissing van het kind om zelfstandig te gaan wonen wanneer dit verantwoord is, het bestaan of eerder het gebrek aan genegenheidsband tussen ouder en kind. Wat dat laatste betreft, is een kind wel respect verschuldigd ten aanzien van de ouders. Een strafrechtelijke veroordeling wegens slagen en verwondingen zal de onderhoudsverplichting kunnen verbeuren.

1. Huwelijk of samenwonen

In de regel loopt de onderhoudsverplichting verder wanneer het kind zich in een behoeftige situatie bevindt.

De verdeling van lasten binnen het feitelijk samenwonen kan wel van aard zijn de onderhoudsplicht te verminderen.

2. Werkloosheids- of andere uitkeringen

Het ontvangen van een werkloosheidsuitkering kan van aard zijn om een invloed te hebben op de onderhoudsverplichting.

3. Hogere studies

Ouders kunnen in principe niet verplicht worden andere en nieuwe hogere studies te bekostigen, wanneer er reeds hogere studies beëindigd zijn.

Een verderzetting of specialisering in het verlengde van de vorige studies kan wel mogelijk zijn.

Het onderbreken van de studies zal niet altijd een wijziging van de onderhoudsverplichting tot gevolg te hebben.

De onderhoudsverplichting eindigt niet op de dag van het diploma. Er kan rekening gehouden worden met het vinden van een werkbetrekking of alle handelingen die nodig zijn om een inkomen te verwerven.

Het kind zou kunnen opgelegd worden om de uitgaven te beperken (bv. huisvesting thuis versus op kot) of het aanvaarden van studentenjobs.