Verbod voor wurgbepalingen brouwerijcontract in de maak



Brouwerijcontracten

Brouwerijcontracten zijn overeenkomsten tussen enerzijds de brouwerij en anderzijds de caféhouder, waarbij deze laatste verplicht wordt tot afname van bepaalde, of alle, dranken bij de brouwerij in ruil voor de huur van het cafépand en/of bepaalde financiële toegiften.

De brouwerijcontracten voorzien vaak in een verplichting tot minimumafname, gekoppeld aan een onredelijk hoge schadevergoeding.

Politieke wil tot afschaffing wurgbepalingen

In het regeerakkoord van de federale regering is opgenomen dat de brouwerijcontracten zouden bekeken worden. Meer specifiek is opgenomen dat "de regering met de betrokken sectoren onderzoekt hoe er meer transparantie kan komen inzake de prijsvorming van brouwerijcontracten en duidelijkheid over de specifieke rol van de leverancier, de verhuurder dan wel de financier, met als oogpunt de vrijheid van de ondernemer niet te beletten bij het aanbieden van producten".

De noodzaak op een regulering van de brouwerijcontracten is onmiskenbaar. Op gemeenrechtelijke gronden zijn de excessieve bepalingen van het brouwerijcontract vaak moeilijk te bestrijden. Beroep op onrechtmatige bedingen, rechtmisbruik, nietigheid, etc. blijken vaak onvoldoende.

Naar schatting 60 tot 70 procent van de café-uitbaters zou geen vrijheid hebben om de eigen drankenleverancier te kiezen. Veel contracten bepalen dan ook nog eens de hoeveelheid dranken die moeten worden afgenomen, gekoppeld aan hoge boeten. Het prijsverschil loopt soms op tot 40 procent.

Horeca Vlaanderen eist dan ook:

- Behoud van één kraan voor een ander bier naar keuze.

- Afschaffing volumeverplichtingen en vrije keuze om een eigen drankenhandelaar te kiezen.

Documenten

Mattias MOORTGAT - brouwerijcontracten

Cass. 1 oktober 2010

Federaal regeerakkoord van 9 oktober 2014